Terug

Aftrek geweigerd omdat huurovereenkomst niet aan eisen voldoet

16 juli 2026
Omzetbelasting

Een ondernemer huurt sinds 2016 een aantal bedrijfsruimtes in een pand. De verhuurder brengt btw in rekening op basis van een afspraak over belaste verhuur. Kort daarna begint de ondernemer delen van het pand door te verhuren aan derden. Bij deze onderverhuur wordt in de huurovereenkomsten expliciet opgenomen dat geen btw over de huur wordt gerekend. In 2017 adviseert een nieuwe accountant de ondernemer om toch btw te berekenen over de onderverhuur. De ondernemer laat zijn onderhuurders per e-mail weten dat vanaf 1 juli 2017 btw in rekening wordt gebracht. Deze aanpassing wordt echter niet vastgelegd in nieuwe huurovereenkomsten. 

Correcties

In 2021 start de Belastingdienst een boekenonderzoek naar de aangiften van de ondernemer over de periode 2016 tot en met 2018. Het onderzoek brengt verschillende tekortkomingen aan het licht, waaronder een verschil tussen aangiften en administratie (aansluitverschillen) en een onterechte aftrek van voorbelasting voor het pand. In 2022 stuurt de Belastingdienst naheffingsaanslagen over 2017 en 2018, met correcties voor deze punten.

Belaste verhuur en aftrekrecht

Voor belaste verhuur is vereist dat de onroerende zaak wordt gebruikt voor doeleinden waarvoor een volledig of nagenoeg volledig recht op aftrek van omzetbelasting bestaat. Ook moeten verhuurder en huurder dit schriftelijk zijn overeengekomen of gezamenlijk een verzoek hebben ingediend bij de inspecteur. De rechtbank stelt vast dat de huurovereenkomsten met de onderhuurders expliciet vermelden dat geen omzetbelasting in rekening wordt gebracht. De ondernemer heeft niet aannemelijk gemaakt dat partijen voor belaste verhuur hebben gekozen of een gezamenlijk verzoek hebben ingediend.

Geen aftrek

Omdat de onderverhuur vrijgesteld is van omzetbelasting, gebruikt de ondernemer het pand niet voor prestaties waarvoor een volledig of nagenoeg volledig recht op aftrek van voorbelasting bestaat. Hierdoor kon de ondernemer het pand niet met een optie voor belaste verhuur huren van de bv. De ondernemer heeft daarom geen recht op aftrek van deze voorbelasting. De correcties van de inspecteur zijn terecht.

Bronvermelding

  • datum: 16 juli 2026
  • bureau: Rechtbank Noord-Holland
  • karakter: jurisprudentie
  • nummer: ECLI:NL:RBNHO:2025:16030

Misschien ook intressant

Loonbelasting
Geen ingekomen werknemer
Voor de toepassing van de 30%-regeling is vereist dat de werknemer kwalificeert als ingekomen werknemer. Dat houdt onder meer in dat de werknemer door een inhoudingsplichtige is aangeworven uit een ander land. De Belastingdienst heeft het verzoek om
Overige heffingen
Waardebepaling recreatieterrein inclusief stacaravans op verhuurde jaarplaatsen
Een gemeente heeft bij de bepaling van de WOZ-waarde van een recreatieterrein de waarde van de daarop aanwezige stacaravans meegenomen. De stacaravans staan op vaste jaarplaatsen, zonder dat er een recht van opstal is gevestigd. De heffingsambtenaar
Overige heffingen
Flexibele kapitalisatiefactoren bij WOZ-waardebepaling
Op 31 juli 2020 heeft de heffingsambtenaar van de gemeente Amsterdam de WOZ-waarden voor het jaar 2019 vastgesteld van meerdere onroerende zaken, variĆ«rend van € 197.000 tot € 1.814.000. De eigenaar van de onroerende zaken heeft bezwaar