Terug

Bedrijf met kleine winsten blijft een onderneming

1 oktober 2026
Ondernemingswinst

Een man is vennoot in een vof die akkerbouw bedrijft. De inspecteur vindt het bedrijf te klein en rekent het aandeel tot het vermogen in box 3. Hij telt veertien jaar resultaten op en komt uit op een negatief totaal. Het hof wijst dat af, want de bron moet per jaar worden beoordeeld en niet over een reeks jaren. De vof houdt haar onderneming.

Van vee naar akkerbouw

Na het overlijden van hun vader zetten de drie kinderen in 2009 zijn bedrijf voort. Wel schakelen zij over van veeteelt op akkerbouw. Sinds 2019 verpacht de vof ruim twee hectare voor ongeveer € 3.335 per jaar en verkoopt zij gras voor € 2.750, plus € 960 voor kunstmest. Na het verliesjaar 2020 volgen winsten van € 924, € 1.511 en € 718.

Drie eisen, één geschilpunt

Van een bron van inkomen is pas sprake als iemand deelneemt aan het economische verkeer, voordeel beoogt en dat voordeel redelijkerwijs kan verwachten. De eerste twee staan niet ter discussie. Het gaat alleen om de derde eis: de objectieve voordeelsverwachting. Die vraagt niet om een lonend bedrijf, een minimale omvang of een bepaald rendement. Voldoende is dat redelijkerwijs voordeel valt te verwachten, hoe bescheiden ook. Winsten van een paar honderd euro zijn winsten.

De bewijslast keert

Sinds 2003 geeft de belastingplichtige het aandeel aan als winst uit onderneming. Tot 2019 volgt de inspecteur de aangiften. Wie daar na vijftien jaar op terugkomt, moet zelf aannemelijk maken dat de bron verdwenen is. Daarvoor telt de inspecteur zijn gecorrigeerde resultaten over veertien jaar op. De pachtopbrengsten laat de inspecteur weg: die komen van grond die de vof niet meer zelf bewerkt en die volgens het pottenbakkersarrest ondernemingsvermogen blijft, maar niets zegt over de activiteiten. Volgens de inspecteur eist de wet een positieve totaalwinst.

Optellen mag niet

Het hof gaat daar niet in mee. De eis van een positieve totaalwinst berust op een onjuiste lezing van de wet. De toets vindt in beginsel per jaar plaats. De gekozen periode is te lang en arbitrair en daarin wisselen negen positieve en vijf negatieve jaren elkaar af. De gras- en kunstmestvergoedingen tellen mee als omzet en ook zonder de pacht zijn de resultaten niet zo mager dat de voordeelsverwachting verdwijnt. Akkerbouw leidt naar haar aard al snel tot een onderneming en laat nu eenmaal wisselende resultaten zien. Een reeks magere jaren zegt dus weinig over het jaar dat op tafel ligt. Het areaal is niet te klein voor een levensvatbaar bedrijf.

Bronvermelding

  • datum: 1 oktober 2026
  • bureau: Gerechtshof 's-Hertogenbosch
  • karakter: jurisprudentie
  • nummer: ECLI:NL:GHSHE:2026:1847
f56b94599a6d25e1f4862279da9ff6fe

Misschien ook intressant

Successiewet
Waardering huurrecht: rekening houden met indexatie en metterwoonclausule
Een vrouw mag na het overlijden van haar partner levenslang in zijn woning blijven wonen voor € 500 per maand. De inspecteur merkt dit huurrecht aan als een fictieve erfrechtelijke verkrijging en legt een aanslag erfbelasting op. De vrouw vindt de
Inkomstenbelasting
Geen renteaftrek, ondanks snelle aflossing hypotheek
Een man koopt in 2015, samen met zijn echtgenote, een woning. Zij sluiten hiervoor een hypotheek af bij een bank. Het betreft een annuïtaire lening met een looptijd van 30 jaar. In 2019 besluit de man een deel van de hypotheek af te lossen. Hij sluit
Vennootschapsbelasting
Schuld aan jezelf verdwijnt en levert belastbare winst op
Een bv koopt voor € 2.500 een vordering van ruim € 6 miljoen op zichzelf. Die vordering verdwijnt daardoor: je kunt immers geen schuld aan jezelf hebben. De inspecteur ziet dit als een voordeel en heft vennootschapsbelasting over het verschil. De bv