Terug

Belastingadviseur niet aansprakelijk voor gemiste bezwaartermijn

15 mei 2025
Civiel recht

Een coffeeshopeigenaar start een procedure tegen zijn belastingadviseur na problemen met de Belastingdienst. Hij verwijt de belastingadviseur tekortschietende bijstand tijdens een boekenonderzoek en de daaropvolgende belastingaanslagen. Uiteindelijk moet de coffeeshopeigenaar ruim een miljoen euro aan de Belastingdienst betalen. De rechtsvraag is of de belastingadviseur aansprakelijk is voor schade die de coffeeshopeigenaar lijdt doordat bezwaartermijnen zijn gemist.

Bezwaar te laat

De belastingplichtige beweert dat zijn belastingadviseur tekortschiet door niet tijdig bezwaar te maken tegen een informatiebeschikking en navorderingsaanslag. Hij stelt dat de belastingadviseur zijn bewijspositie verzwakt door deze "beroerd" te noemen in communicatie met de Belastingdienst. Door deze fouten is volgens hem een miljoenenschikking onvermijdelijk geworden.

De belastingadviseur ontkent alle verwijten. Hij werd pas ingeschakeld nadat bezwaartermijnen waren verstreken en koos bewust voor een strategie zonder kansloze bezwaren die de Belastingdienst zouden irriteren. Hij benadrukt dat de belastingplichtige zelf verantwoordelijk is voor het ontvangen van belangrijke post.

Adviseur verantwoordelijk

De rechtbank oordeelt dat de belastingadviseur op één punt is tekortgeschoten. Na het ontdekken van de informatiebeschikking had hij de belastingplichtige kritisch moeten bevragen over de postbezorging. Hierdoor zou aan het licht zijn gekomen dat er problemen waren met de administratie en postverwerking. De rechtbank meent dat de belastingadviseur de belastingplichtige had moeten waarschuwen voor de juridische gevolgen hiervan. Door dit na te laten is de onderhandelingspositie voor het jaar 2009 beperkt geraakt. De rechtbank wijst 10% van de gevorderde schadevergoeding toe.

Klant verantwoordelijk

Het hof vernietigt de uitspraak van de rechtbank. Het hof oordeelt dat het de eigen verantwoordelijkheid van de belastingplichtige is om ervoor te zorgen dat post hem bereikt. Dit geldt des te meer voor een ondernemer met grote fiscale belangen. De belastingplichtige wist dat er problemen waren met de postbezorging, maar nam geen maatregelen. Verder acht het hof de strategie van de belastingadviseur goed verdedigbaar. Het bezwaar tegen de informatiebeschikking zou weinig kans maken en kon de houding van de Belastingdienst negatief beïnvloeden. Het hof ziet geen tekortkoming in het handelen van de belastingadviseur en wijst alle vorderingen af.

Conclusie

Deze uitspraak laat zien dat een belastingplichtige een grote eigen verantwoordelijkheid draagt voor zijn fiscale zaken. Het missen van bezwaartermijnen komt in beginsel voor rekening en risico van de belastingplichtige zelf. Een belastingadviseur heeft weliswaar een zorgplicht, maar mag strategische keuzes maken als het gaat om bezwaar- en beroepsprocedures. Het is belangrijk dat u als ondernemer zorgt voor een goede postbezorging en -administratie, zeker als u in een procedure verwikkeld bent met de Belastingdienst. 

Bronvermelding

  • datum: 15 mei 2025
  • bureau: Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
  • karakter: jurisprudentie
  • nummer: ECLI:NL:GHARL:2025:2169

Misschien ook intressant

Belastingplan
Lastenverzwaring box 3 teruggedraaid
De aanpassing van het forfait voor overige bezittingen in box 3 komt te vervallen. Daardoor komt het forfait in 2026 uit op 6% in plaats van 7,78%.De voorgestelde verlaging van het heffingvrije vermogen in box 3 is eveneens vervallen. Het
Formeel recht
Invullen e-mailadres geen instemming voor verdere communicatie per mail
De Hoge Raad oordeelt dat het enkel invullen van een verplicht e-mailadres in een digitaal formulier niet genoeg is om aan te nemen dat iemand heeft ingestemd met verdere communicatie via die weg. Dit geldt des te meer als gebruik wordt gemaakt van
Belastingplan
Auto pas youngtimer bij 25 jaar
De youngtimerregeling verwijst naar de manier waarop het privévoordeel wordt vastgesteld van een auto die meer dan 15 jaar geleden voor het eerst in gebruik is genomen. Voor deze auto’s geldt een bijtelling van 35% van de waarde in het economische