Terug

Crypto-investering op naam dga niet aftrekbaar bij bv

18 juni 2026
Vennootschapsbelasting

Een dga sluit een overeenkomst voor de aankoop van cryptotokens. De bv maakt het aankoopbedrag van € 250.000 over. De tokens blijken waardeloos. De bv wil het verlies ten laste van haar resultaat brengen. De inspecteur weigert de afwaardering. De overeenkomst staat immers op naam van de dga, niet op naam van de bv. 

Investering in cryptomining

In 2018 wordt de dga benaderd door een bedrijf uit de Verenigde Arabische Emiraten. Het bedrijf wil geld ophalen voor een cryptominingonderneming. De dga krijgt een brochure met mooie rendementsvooruitzichten. Hij sluit een overeenkomst voor de aankoop van ruim 422 miljoen tokens voor € 250.000. De tokens geven recht op een maandelijks aandeel in de opbrengst van de mining. De bv maakt het bedrag over. In de jaarrekening 2018 van de bv worden de tokens opgenomen onder financiële vaste activa.

Investering blijkt waardeloos

Het blijkt echter dat er niets gebeurt met het geld. De cryptomining komt nooit van de grond. In mei 2020 bevestigt een van de betrokkenen per e-mail dat het project is mislukt en de investering waardeloos is. Een onderzoeksbureau concludeert in opdracht van de dga dat voldoende grond bestaat voor aangifte wegens oplichting. In de aangifte vennootschapsbelasting 2019 brengt de bv de volledige € 250.000 in aftrek als afwaardering van de tokens.

Overeenkomst staat op naam dga

De inspecteur weigert de aftrek. De overeenkomst is immers door de dga in privé gesloten, niet door de bv. Ook het ontvangstbewijs voor de tokens staat op naam van de dga. Dat de bv het bedrag heeft overgemaakt, maakt dit niet anders. De betaling kwalificeert als verkapte winstuitdeling aan de dga. De inspecteur legt een aanslag op naar een belastbaar bedrag van € 3.556.548 in plaats van de aangegeven € 3.306.548.

Hof volgt inspecteur

De curator van de inmiddels failliete bv gaat in beroep. Hij stelt dat de bv om zakelijke redenen in de tokens heeft geïnvesteerd, namelijk om handelstransacties in cryptovaluta te faciliteren. Het hof oordeelt dat de bewijslast bij de curator ligt. Uit de overeenkomst blijkt nergens dat de dga namens de bv handelde. De curator heeft ook geen e-mails of andere stukken uit 2018 overgelegd waaruit dit zou kunnen blijken. De inspecteur had hier al vóór het faillissement om gevraagd. Dat de stukken er niet meer zijn, komt voor rekening van de bv. Bovendien heeft de accountant zich onthouden van een oordeel over de jaarrekening. De afwaardering is terecht geweigerd.

Bronvermelding

  • datum: 18 juni 2026
  • bureau: Gerechtshof Den Haag
  • karakter: jurisprudentie
  • nummer: ECLI:NL:GHDHA:2026:1023

Misschien ook intressant

Inkomstenbelasting
Zes weken om partnerverdeling te wijzigen
Fiscale partners kunnen hun onderlinge verdeling van box 3 nog wijzigen na een collectieve uitspraak in een massaalbezwaarprocedure. De Hoge Raad oordeelt dat zij daarvoor zes weken de tijd hebben, gerekend vanaf de verminderingsbeschikking. Box 3
Omzetbelasting
Selectie door algoritme leidt niet tot onrechtmatig bewijs
Een administratiekantoor wordt geselecteerd voor controle door het algoritme 'OB Negatief'. De eigenaar stelt dat dit onrechtmatig is en dat alle bevindingen daarom moeten worden uitgesloten. De rechtbank oordeelt anders. Algoritmische selectie is
Ondernemingswinst
Rente van 9% op lening van ouders is niet zakelijk
Een man werkt als belastingadviseur en participeert daarnaast in de agrarische maatschap van zijn ouders. In 2015 koopt hij de ouderlijke woning voor € 315.000. Hij leent het volledige bedrag van zijn ouders. De afspraken: 9% rente per jaar, een