Terug

Eindejaarstips voor ondernemingen

5 november 2026
Eindejaarsactualiteiten

Afbouw Ondernemersaftrek

Zelfstandigenaftrek
Ondernemers, die voldoen aan het urencriterium, hebben recht op de zelfstandigenaftrek. De zelfstandigenaftrek is niet hoger dan het bedrag van de winst vóór ondernemersaftrek. Sinds 2021 wordt de zelfstandigenaftrek stapsgewijs teruggebracht, naar € 900 in 2027. In 2026 is de aftrek € 1.200. AOW-gerechtigden hebben recht op 50% hiervan.

Startersaftrek 
De startersaftrek is een regeling waardoor een ondernemer, die minder dan vijf jaar ondernemer is (starter), onder voorwaarden maximaal drie jaar recht heeft op een extra aftrekpost van maximaal € 2.123. De startersaftrek wordt per 1 januari 2027 verlaagd tot € 10 en per 1 januari 2028 volledig afgeschaft. In het verlengde hiervan wordt in 2028 ook de regeling willekeurige afschrijving voor starters afgeschaft.

Stakings- en meewerkaftrek
De stakings- en meewerkaftrek worden in 2027 met 75% versoberd en per 2030 afgeschaft. De stakingsaftrek bedraagt op dit moment € 3.630. Dat wordt € 908 in 2027. De hoogte van de meewerkaftrek is gekoppeld aan het aantal door de partner gewerkte uren.

Pseudo-eindheffing fossiele auto

Werkgevers, die een auto van de zaak beschikbaar stellen aan werknemers, krijgen vanaf 1 januari 2027 te maken met de pseudo-eindheffing voor fossiele personenauto’s (pefa). De pseudo-eindheffing geldt alleen voor personenauto’s met CO₂-uitstoot, zoals benzine-, diesel- en hybride auto's. Elektrische auto’s zijn uitgezonderd. Ook motoren en bestelauto’s vallen buiten de regeling. De heffing bedraagt 12% van de cataloguswaarde, ongeacht het daadwerkelijke privégebruik. Woon-werkverkeer telt dus ook mee. Voor elke maand waarin de auto ten minste één dag ter beschikking is gesteld, is de pseudo-eindheffing voor die gehele maand (1/12e) verschuldigd. Werkgevers mogen de kosten voor deze eindheffing niet verhalen op de werknemers. Voor auto’s ouder dan 25 jaar wordt gekeken naar de waarde in het economisch verkeer. Een voorwaarde voor toepassing van de regel is dat sprake is van een werkgever-werknemerrelatie. In de praktijk betekent dit dat ook dga’s met een auto op de balans onder deze regeling kunnen vallen. De maatregel geldt niet voor de auto van de IB-ondernemer.

De pefa is niet van toepassing op een vervangende fossiele personenauto die een werknemer privé gebruikt vanwege onderhoud of reparatie van de vaste auto. Deze uitzondering geldt als de vervangingsperiode maximaal veertien dagen per onderhouds- of reparatieperiode duurt. Een bandenwissel of schadeherstel valt hier ook onder. Ook auto’s met handgeschakelde transmissie, die worden gebruikt voor rijles, worden uitgezonderd van de pefa.

Het overgangsrecht, waardoor de pefa niet geldt voor auto’s die vóór 1 januari 2027 voor het eerst ter beschikking zijn gesteld, wordt verlengd tot en met 31 december 2030 (was 16 september).

Belastingrente

De belastingrente is per 1 januari 2026 weliswaar gedaald, maar blijft hoog. Het rentetarief bedraagt nu 5%. Door een uitspraak van de Hoge Raad geldt dit tarief voor alle belastingen. Een juiste voorlopige aanslag kan voorkomen dat de rente op de definitieve aanslag oploopt. Belastingrente wordt bij de inkomstenbelasting of vennootschapsbelasting berekend wanneer de aanslag op of na 1 juli van het volgende jaar wordt opgelegd. De Belastingdienst berekent geen rente als de aangifte inkomstenbelasting 2026 voor 1 mei 2027 binnen is en zij de gegevens uit de aangifte ongewijzigd overnemen. Voor de aangifte vennootschapsbelasting 2026 is dat 1 juni 2027. Ondernemers kunnen belastingrente ook voorkomen door voor 1 mei om een (aanvullende) voorlopige aanslag te verzoeken.

Plan (des)investeringen

KIA
Ondernemers hebben recht op de investeringsaftrek voor kleinschalige investeringen (KIA). Er gelden wel een aantal voorwaarden, waaronder een minimum investeringsbedrag. Dit bedrag is voor 2026 bepaald op € 2.900. De KIA geldt alleen voor investeringsgoederen waarop moet worden afgeschreven. Dit betekent dat het bedrijfsmiddel minstens € 450 moet kosten. Soms kunnen meerdere kleine investeringen samen een bedrijfsmiddel vormen. Bijvoorbeeld een computer van € 350 met een beeldscherm van € 150, een muis van € 15 en een toetsenbord van € 25 vormen samen één bedrijfsmiddel van € 540. 

Spreiden of eerder investeren
Het percentage aan aftrek is het hoogst als het totaal aan verplichtingen ligt tussen € 2.900 en € 71.683 (namelijk: 28%). Tussen € 71.683 en € 132.746 is de KIA een vast bedrag van € 20.072. In 2027 geldt een vast bedrag van € 20.322 bij een investeringsbedrag tussen € 72.578 en € 134.402. Daarboven wordt de KIA afgebouwd met 7,56% van het deel van het investeringsbedrag dat boven deze grens zit. Het plannen en, waar mogelijk, het spreiden van investeringsverplichtingen loont vaak de moeite. Als het bedrag aan investeringen dit jaar net onder de minimumgrens van € 2.900 zit, dan kan het lonen een voorgenomen investering iets te vervroegen. Het kan zomaar 28% KIA opleveren over het totaal aan investeringsverplichtingen. Om de investeringsaftrek ook daadwerkelijk in de aangifte 2026 mee te kunnen nemen, moet het bedrijfsmiddel in gebruik genomen zijn in 2026 of er moet voldoende aanbetaald zijn. 

Let op! Betaal in ieder geval 25% van een nog niet in gebruik genomen investering binnen twaalf maanden na het aangaan van de verplichting tot aankoop van het bedrijfsmiddel. Anders is er sprake van een (fictieve) desinvestering en moet de desinvesteringsbijtelling worden toegepast.

Desinvesteringsbijtelling
Is er in de afgelopen vijf jaar (dus tussen 2022 en 2026) gebruikgemaakt van de investeringsaftrek en wordt het bedrijfsmiddel nu verkocht of ingeruild? Dan kan de desinvesteringsbijtelling van toepassing zijn. In dat geval moet een deel van de aftrek worden terugbetaald. Houd hier rekening mee.

Tip! Stel de desinvestering (als dat mogelijk is) uit tot na de vijfjaarstermijn.

Horizonbepaling EIA, MIA en Vamil
In de wet is een horizonbepaling opgenomen met betrekking tot de Energie-investeringsaftrek (EIA), de Milieu-investeringsaftrek (MIA) en de Willekeurige afschrijving milieubedrijfsmiddelen (Vamil). Een horizonbepaling betekent dat een regeling eindig is. Zonder expliciete besluitvorming te zijner tijd vervallen de EIA, MIA en Vamil per 1 januari 2029. Het aftrekpercentage van de EIA stijgt per 1 januari 2027 van 40 naar 45,5. Het budget voor 2027 bedraagt € 454 miljoen. Voor de MIA blijft de aftrek 40%, maar wordt het budget verruimd. Voor 2027 is € 160 miljoen beschikbaar (2026: € 135 miljoen).

Bronvermelding

  • datum: 5 november 2026
  • bureau: Ministerie van Financiën
  • karakter: wetswijziging
37ab6a88c87d8a96e6a31e989272bb08

Misschien ook intressant

Inkomstenbelasting
Erfpacht afkopen of rente betalen?
Een man koopt in 2006 een woning op erfpachtgrond. Hij financiert deze met een hypothecaire lening. In 2018 koopt hij de blote eigendom en verkoopt vervolgens de volle eigendom van de woning en grond aan derden. De koopsom voor de blote eigendom van
Formeel recht
Verzoek om uitstel is geen bezwaar
Een schoenenwinkel krijgt te maken met een reeks gemeentelijke belastingaanslagen. De ondernemer vraagt hiervoor eerst uitstel van betaling aan en dient vervolgens een bezwaarschrift in. Hoewel de verzoeken om uitstel tijdig waren ingediend, biedt
Omzetbelasting
Geen vergrijpboete door ondeskundigheid
Bij de overgang van een eenmanszaak naar een bv is het belangrijk een duidelijke scheiding in de boekhouding en facturatie aan te brengen. Dit voorkomt verwarring over wie de belastingplichtige ondernemer is. Onlangs moest de rechter oordelen in een