Terug

Geen heffingsvrij vermogen bij werkelijk rendement

20 augustus 2026
Inkomstenbelasting

Een man en vrouw hebben in 2023 uitsluitend bank- en spaartegoeden van in totaal € 229.802. Op deze tegoeden ontvangen zij gedurende het jaar € 1.575 aan rente. De Belastingdienst stelt het belastbaar inkomen uit sparen en beleggen (box 3) vast op € 1.065. De man vindt dat dit bedrag lager moet uitvallen en beroept zich daarbij op het zogenoemde Kerstarrest van de Hoge Raad.

Heffingsvrij vermogen 

De man stelt dat bij de berekening van het werkelijke rendement rekening moet worden gehouden met het heffingsvrij vermogen. Volgens zijn berekening mag daarom slechts een deel van de ontvangen rente worden meegenomen. Hij komt uit op een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 793 in plaats van € 1.065.

Forfaitair rendement

De rechtbank volgt dit standpunt niet. Volgens de rechtbank maakt de Hoge Raad in zijn arrest van 6 juni 2024 duidelijk dat bij de vaststelling van het werkelijke rendement moet worden uitgegaan van het volledige behaalde rendement op het vermogen. Daarbij vindt geen vermindering plaats wegens het heffingsvrije vermogen. Dat betekent dat in deze zaak het volledige bedrag van € 1.575 aan ontvangen rente geldt als werkelijk rendement. Omdat het forfaitaire rendement lager uitvalt dan het daadwerkelijk behaalde rendement, is geen sprake van een situatie waarin de belastingplichtige zwaarder wordt belast dan zijn werkelijke opbrengst.

Bronvermelding

  • datum: 20 augustus 2026
  • bureau: Rechtbank Zeeland-West-Brabant
  • karakter: jurisprudentie
  • nummer: ECLI:NL:RBZWB:2026:7168
46982a4291d3ea3777d8caef54c1040d

Misschien ook intressant

Algemeen
Controleer de nieuwe SBI-code bij KVK
Op 6 en 7 september 2025 heeft de KVK de Standaard Bedrijfsindeling (SBI) gewijzigd. In het Handelsregister zijn, waar dat nodig was, de SBI-codes vervangen door een of meerdere nieuwe. Een verkeerde SBI-code kan leiden tot problemen. De KVK roept
Inkomstenbelasting
Stilzitten is geen prijsgeven
In 2006 verstrekt een vader via zijn bv een lening van € 90.000 aan zijn zoon. De zoon raakt in de loop der jaren in financiĆ«le problemen, wat uiteindelijk leidt tot zijn faillissement in 2015. De bv dient haar vordering in bij de curator en
Inkomstenbelasting
Herstel stamrecht door verrekening met managementfee niet mogelijk
Een ondernemer die zijn stamrechtuitkering niet op tijd laat ingaan, kan dit niet herstellen door achteraf zijn managementvergoeding te verlagen. De rechtbank wijst de door hem voorgestelde constructie af, waarbij de managementvergoeding van zijn