Terug

Indexering griffierechten per 1 januari 2026

27 november 2025
Formeel recht

Om een procedure voor de rechter te kunnen voeren, moeten griffierechten worden betaald. Per 1 januari 2026 worden deze griffierechten verhoogd. De bedragen worden geïndexeerd met het percentage waarmee de consumentenprijsindex (CPI) sinds de vorige indexering is gestegen (periode van 31 juli 2024 tot en met 31 juli 2025). Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek is de CPI (totalen alle huishoudens) in die periode gestegen van 131,82 naar 135,69, een stijging van 2,94%.

De nieuwe bedragen zijn gepubliceerd in de Staatscourant. Het griffierecht voor belastingzaken in eerste aanleg gaat voor natuurlijke personen van € 53 naar € 54. Voor een aantal belastingzaken geldt voor natuurlijke personen een hoger tarief. Dat tarief gaat van € 194 naar € 200. Voor rechtspersonen geldt in eerste aanleg voor alle belastingzaken eenzelfde tarief. Dat tarief stijgt van € 385 naar € 397.

In hoger beroep en cassatie gelden hogere griffierechten. Voor natuurlijke personen stijgt het tarief van € 143 naar € 147, respectievelijk van € 289 naar € 297. Voor rechtspersonen gaat het tarief van € 579 naar € 596.

Bronvermelding

  • datum: 27 november 2025
  • bureau: Ministerie van Justitie en Veiligheid
  • karakter: besluit
  • nummer: stcrt-2025-39855

Misschien ook intressant

Inkomstenbelasting
Managementvergoeding en stamrecht zijn niet uitwisselbaar
Een dga ontvangt al jaren een managementvergoeding van zijn holding voor zijn werk als directeur. Daarnaast heeft hij recht op stamrechtuitkeringen van zijn pensioen-bv. De uitkeringen hadden uiterlijk in 2017 moeten ingaan, toen hij de AOW-leeftijd
Successiewet
Waardering huurrecht: rekening houden met indexatie en metterwoonclausule
Een vrouw mag na het overlijden van haar partner levenslang in zijn woning blijven wonen voor € 500 per maand. De inspecteur merkt dit huurrecht aan als een fictieve erfrechtelijke verkrijging en legt een aanslag erfbelasting op. De vrouw vindt de
Inkomstenbelasting
Geen renteaftrek, ondanks snelle aflossing hypotheek
Een man koopt in 2015, samen met zijn echtgenote, een woning. Zij sluiten hiervoor een hypotheek af bij een bank. Het betreft een annuïtaire lening met een looptijd van 30 jaar. In 2019 besluit de man een deel van de hypotheek af te lossen. Hij sluit