Terug

Laag tarief bij tijdelijk gebruik van meer dan zes maanden

26 juni 2025
Overdrachtsbelasting

De staatssecretaris van Financiën heeft het beroep in cassatie ingetrokken tegen de uitspraak van Hof Den Haag van 10 april 2025. De uitleg van het hof biedt duidelijkheid omtrent de toepassing van het verlaagd tarief en de startersvrijstelling en draagt bij aan een verbetering van de uitvoerbaarheid van de regeling, aldus de staatssecretaris.

Tijdstipbelasting

Aangezien de overdrachtsbelasting een tijdstipbelasting is, dient de toepassing van het verlaagd tarief en de startersvrijstelling op het moment van verkrijging te worden getoetst. In hoeverre kan aan het hoofdverblijfcriterium worden voldaan als reeds voor of op het moment van de verkrijging vaststaat dat de woning slechts tijdelijk als hoofdverblijf zal worden gebruikt?

Zes maanden

Voor het begrip ‘anders dan tijdelijk’ kan worden aangesloten bij de termijn van zes maanden die in de parlementaire geschiedenis wordt genoemd. Deze termijn van zes maanden kan worden aangehouden voor zowel de hoofdverblijfverklaring als voor de periode van het daadwerkelijk als hoofdverblijf gebruiken van de woning. Een en ander behoudens situaties van oneigenlijk gebruik of misbruik.

Bronvermelding

  • datum: 26 juni 2025
  • bureau: Ministerie van FinanciĆ«n
  • karakter: publicatie
  • nummer: 2025-0000015214

Misschien ook intressant

Inkomstenbelasting
Forfaitaire rendementen banktegoeden en schulden 2025
De staatssecretaris van Financiƫn heeft de forfaitaire rendementspercentages in box 3 voor banktegoeden en schulden voor het jaar 2025 vastgesteld. Voor banktegoeden bedraagt het forfaitaire rendement 1,37%. Voor schulden is het forfaitaire rendement
Formeel recht
Collectieve uitspraak massaal bezwaar belastingrente
Onlangs heeft de inspecteur van de Belastingdienst collectief uitspraak gedaan op de bezwaren die vallen onder de massaal bezwaarprocedures tegen de hoogte van het belastingrentepercentage. De collectieve uitspraken volgen op de Kamerbrief van 13
Successiewet
Bezitseis BOR geldt per aandelenpakket afzonderlijk
Een echtpaar houdt sinds 1986 respectievelijk 51% en 49% van de aandelen in een holding. Tussen hen bestaat geen gemeenschap van goederen. Na het overlijden van de man in 2016 verkrijgt de vrouw zijn 51%-pakket. Vanaf dat moment houdt zij 100% van de