Terug

Notariële akte bewijst mondelinge schenking van miljoenen

29 januari 2026
Successiewet

Een vader schenkt in januari certificaten ter waarde van miljoenen aan zijn kinderen. Dit wordt later bevestigd in een notariële akte in april. Volgens de Belastingdienst vindt de schenking pas op dat moment plaats. De notaris bevestigt dat de schenking al mondeling op 24 januari 2018 plaatsvond. Het verschil betekent een forse naheffing. De rechter moet eraan te pas komen om de vraag te beantwoorden wanneer precies de schenking tot stand kwam.

Wat speelde er?

Een vader houdt via zijn holding aandelen in twee bv’s. Deze aandelen verkoopt hij op 24 januari. Een deel van de koopsom bestaat uit aandelen in een andere bv. Diezelfde dag richt vader een stichting op waaraan hij de ontvangen aandelen doorverkoopt. De stichting geeft certificaten uit, die de vader aan zijn drie kinderen schenkt. De zoon doet in september aangifte schenkbelasting over een bedrag van € 2,7 miljoen, met als schenkingsdatum 24 januari. Bij de aangifte voegt hij een notariële akte van 17 april, waarin de notaris bevestigt dat de schenking op 24 januari mondeling heeft plaatsgevonden. De Belastingdienst legt conform deze aangifte een aanslag op.

Belastingdienst draait bij na onderzoek

Jaren later onderzoekt een andere inspecteur de miljoenentransactie. Hij stuit daarbij op een eerdere akte van 13 april, waarin staat dat de vader alle certificaten houdt. De inspecteur concludeert dat de schenking niet in januari, maar pas in april bij de notariële akte plaatsvond. De waarde van de certificaten is dan gestegen. De zoon moet een nieuwe aanslag betalen over € 9,3 miljoen in plaats van over € 2,7 miljoen.

Notaris had instructies vooraf

De rechtbank veegt het argument van de inspecteur, dat de vader volgens de akte van 13 april nog houder was van alle certificaten, van tafel. De ongelukkige formulering in deze akte staat er niet aan in de weg dat de schenking al op 24 januari heeft plaatsgevonden. In de notariële akte van 17 april staat expliciet dat het aanbod tot schenking op 24 januari is gedaan en door de kinderen is aanvaard. In de akte staat precies welke certificaten aan welk kind zijn geschonken op die datum. Cruciaal is een e-mail van 18 januari waarin de notaris instructies ontvangt via een stappenplan voor de op te stellen stukken. Dit bewijst dat de schenking al vóór 24 januari was voorbereid. De rechtbank ziet geen reden om aan de juistheid van de notariële verklaring te twijfelen. Ook de complexiteit van de transactie betekent niet dat mondelinge schenking onmogelijk is.

Bronvermelding

  • datum: 29 januari 2026
  • bureau: Rechtbank Den Haag
  • karakter: jurisprudentie
  • nummer: ECLI:NL:RBDHA:2025:24085

Misschien ook intressant

Formeel recht
Hoger beroep toch op tijd door feestdag
De termijn voor het indienen van een hoger beroepschrift bedraagt zes weken. Die termijn begint te lopen vanaf de dag na de verzending van de uitspraak van de rechtbank. De Algemene termijnenwet (Atw) bepaalt dat als de laatste dag van een termijn op
Inkomstenbelasting
Rendementspercentage omhoog, heffingsvrij vermogen omlaag in 2026
Het nieuwe box 3-stelsel, waarin belasting wordt geheven over het werkelijke rendement op vermogen, is uitgesteld tot ten minste 2028. Om deze budgettaire tegenvaller op te vangen, voert het kabinet vanaf 2026 aanpassingen door binnen het huidige
Inkomstenbelasting
Pensioenaanspraken belastbaar ondanks geen uitbetaling
Vanwege liquiditeitsproblemen bij haar bv ontvangt een weduwe vanaf augustus 2016 geen pensioenuitkeringen meer, hoewel zij daar wel recht op heeft. In haar aangiften inkomstenbelasting over de jaren 2017 tot en met 2021 geeft zij deze niet-ontvangen