Terug

Rechter mag een te late machtiging negeren

22 oktober 2026
Formeel recht

Een adviesbureau dient op 22 juli 2024 hoger beroep in tegen een naheffing van de belasting van personenauto's en motorrijwielen (bpm). Het adviesbureau stuurt een machtiging mee die al ruim drie jaar oud is. Het hof vraagt een machtiging van hooguit drie maanden oud en geeft het bureau daarvoor tot 3 september 2024. De nieuwe machtiging komt pas op 6 september binnen, zonder uitleg. Volgens de Hoge Raad heeft het hof de zaak daarom terecht laten liggen. Ook het Europese recht verandert daar niets aan.

Te laat is te laat

Het hof verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk. Het behandelt de zaak dus niet inhoudelijk. Het bureau gaat daartegen in verzet, een soort bezwaar bij hetzelfde hof. Dat verzet strandt, omdat het bureau geen reden geeft voor de vertraging. Bij de Hoge Raad gooit het bureau het over een Europese boeg. Iedereen heeft volgens het Handvest van de grondrechten van de EU recht op toegang tot de rechter. Het hof houdt volgens het bureau onnodig streng vast aan termijnen. Ook vraagt het bureau de Hoge Raad om vragen te stellen aan het Europese Hof van Justitie.

Wie zit aan tafel?

Alleen de belastingplichtige zelf mag tegen zijn aanslag procederen, maar hij mag zich wel laten vertegenwoordigen. Is die vertegenwoordiger geen advocaat, dan mag de rechter om een schriftelijke machtiging vragen. Een advocaat valt onder eigen beroepsregels en hoeft geen machtiging te overhandigen. De rechter mag daarbij om een recente machtiging vragen, zonder uit te leggen waarom. Komt die machtiging niet op tijd binnen, dan mag de rechter het beroep laten liggen. Voorwaarde is wel dat er een redelijke termijn is gegeven voor het herstellen van het gebrek en dat de vertraging niet te verontschuldigen is.

Europa helpt niet

Europa laat de procesregels grotendeels over aan de lidstaten. Die regels mogen alleen niet strenger zijn dan bij gewone Nederlandse zaken en mogen procederen niet praktisch onmogelijk maken. Volgens de Hoge Raad blijft de eis van een machtiging daarbinnen. Die eis zorgt ervoor dat alleen wie echt bevoegd is een zaak voert. Voor een professionele adviseur is een machtiging binnen een redelijke termijn bovendien goed te regelen. Vragen aan het Europese Hof zijn dus niet nodig.

Bronvermelding

  • datum: 22 oktober 2026
  • bureau: Hoge Raad
  • karakter: jurisprudentie
  • nummer: ECLI:NL:HR:2026:1483
4b3ff1323f9fd9a5916389940c4629cc

Misschien ook intressant

Inkomstenbelasting
Afwaardering regresvordering dga niet ten laste van inkomen
De dga van een holding ging in hoger beroep bij het hof vanwege een geschil met de Belastingdienst. De rechtsvraag was of hij in zijn aangifte inkomstenbelasting over het jaar 2017 een regresvordering op de bv mocht afwaarderen ten laste van zijn
Personeel
Loonkostenvoordelen
Het lage-inkomensvoordeel (LIV) vervalt per 1 januari 2025. Het loonkostenvoordeel (LKV) voor oudere werknemers wordt voor dienstbetrekkingen, die zijn begonnen op of na 1 januari 2024, in 2025 verlaagd. Per 1 januari 2026 wordt dit LKV afgeschaft.
Inkomstenbelasting
Verzwijgen van omzet en de valkuil van een bankrekening op eigen naam
Een bv, die een nertsenfokkerij dreef, heeft bewust omzetbedragen buiten het zicht van de Belastingdienst op een Luxemburgse bankrekening laten storten. De bankrekening stond op naam van de dga van de bv. De inspecteur kwam dit op het spoor nadat de