Terug

Rechter moet gelegenheid tot herstel bieden als geldigheid machtiging is verstreken

15 augustus 2024
Formeel recht

De rechtbank Amsterdam heeft in drie zaken het ingestelde beroep niet-ontvankelijk verklaard omdat de geldigheid van de machtiging was verstreken. Het beroep is volgens de rechtbank ingediend door iemand die daartoe niet is gemachtigd.

Hof Amsterdam heeft de uitspraak van de rechtbank vernietigd. Wanneer bij het instellen van beroep geen schriftelijke machtiging is overgelegd, stelt de rechter degene, die het beroep heeft ingesteld, in de gelegenheid om alsnog een schriftelijke machtiging over te leggen. Het hof ziet geen aanleiding om anders te handelen in het geval de overgelegde machtiging niet meer geldig is. Dat betekent dat de rechtbank het beroep ten onrechte niet-ontvankelijk heeft verklaard. De rechtbank dient de zaken alsnog inhoudelijk te behandelen.

Bronvermelding

  • datum: 15 augustus 2024
  • bureau: Gerechtshof Amsterdam
  • karakter: jurisprudentie
  • nummer: ECLINLGHAMS20242158, 24/35, 24/36 en 24/37
67e4cedc268cdff040e8a0b8a10f85ac

Misschien ook intressant

Omzetbelasting
Grootboekkaarten volstaan niet voor aftrek voorbelasting
Een bv brengt over de jaren 2014 tot en met 2017 forse bedragen aan voorbelasting in aftrek. Bij een boekenonderzoek blijkt dat zij voor een groot deel van die aftrek geen facturen kan overleggen. De bv verwijst naar haar grootboekkaarten, maar de
Inkomstenbelasting
Geen box 3-vermindering voor niet-bezwaarmakers 2017-2020
Een belastingaanslag waarbij voor de jaren 2017 tot en met 2020 te veel inkomstenbelasting in box 3 is geheven, hoeft niet te worden verminderd als die aanslag definitief is komen vast te staan vóór het zogenoemde Kerstarrest van de
Arbeidsrecht
Wet invoering rechtsvermoeden van arbeidsovereenkomst op basis van uurtarief aangenomen
De Eerste Kamer heeft het wetsvoorstel invoering rechtsvermoeden van arbeidsovereenkomst op basis van uurtarief aangenomen. Dit wetsvoorstel wijzigt Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek door het invoeren van een rechtsvermoeden van werknemerschap bij