Terug

Tariefmaatregel op doorbetaald pensioen is geen discriminatie

8 oktober 2026
Inkomstenbelasting

Een belastingplichtige en zijn echtgenote gaan in 1992 uit elkaar. Hij betaalt zijn ex in 2020 en 2021 elk jaar € 4.078 uit zijn ouderdomspensioen. Die betalingen zijn aftrekbaar, maar door de tariefmaatregel niet tegen het hoogste tarief. Wie vanaf 1 mei 1995 scheidt van zijn echtgenoot heeft daar in de regel geen last van, want dan betaalt het pensioenfonds rechtstreeks aan de ex-echtgenoot. Het hof ziet in dat verschil discriminatie en schrapt de extra heffing. De Hoge Raad oordeelt dat het om ongelijke gevallen gaat, zodat de hogere heffing blijft staan.

Verrekenen onder Boon/Van Loon

De Wet verevening pensioenrechten bij scheiding (Wet VPS) is op 1 mei 1995 in werking getreden en geldt door het overgangsrecht niet voor eerdere scheidingen. Daarvoor gelden de regels uit het arrest Boon/Van Loon uit 1981. De belastingplichtige ontvangt het volledige pensioen zelf en verrekent een afgesproken deel met zijn ex-echtgenote. De inspecteur staat op die betalingen de aftrek voor onderhoudsverplichtingen toe. Tegelijk past hij de tariefmaatregel toe, waardoor het voordeel beperkt blijft tot het tarief van de tweede schijf.

Hof grijpt in

Onder de hoofdregel van de Wet VPS heeft de ex-echtgenoot een eigen recht op uitbetaling tegenover het pensioenfonds. Er is dan geen aftrekpost en dus ook geen tariefmaatregel. Het hof ziet daarin strijd met het discriminatieverbod. Beide regimes verdelen pensioenrechten tussen scheidende echtgenoten en berusten op de verzorgingsgedachte. Een rechtvaardiging voor het verschil ziet het hof niet. Het hof laat de tariefmaatregel buiten toepassing, waarna de staatssecretaris in cassatie gaat.

Geen gelijke gevallen

De Hoge Raad stelt voorop dat de wetgever op fiscaal gebied een ruime beoordelingsvrijheid heeft bij de vraag of gevallen gelijk zijn. Beslissend is het doel van de tariefmaatregel en dat richt zich op aftrekposten. Onder de Wet VPS heeft de pensioengerechtigde voor het verevende deel geen aftrekpost. Dat deel hoort niet tot zijn belastbare inkomen. Ook vanuit het stelsel van de wet zijn de gevallen dus niet gelijk.

Verzorging telt niet

Dat beide regimes de verzorging van de ex-echtgenoot vooropstellen, verandert dat niet. Het gaat hier om de aftrek bij degene die doorbetaalt, niet om de fiscale positie van de ontvanger. Ten overvloede oordeelt de Hoge Raad dat hetzelfde ook geldt voor wie na 1 mei 1995 gescheiden is, maar bij uitzondering niet verevent. De uitspraak van de rechtbank blijft staan. 

Bronvermelding

  • datum: 8 oktober 2026
  • bureau: Hoge Raad
  • karakter: jurisprudentie
  • nummer: ECLI:NL:HR:2026:1488
e505477ad995fbc80273538ba8783237

Misschien ook intressant

Belastingplan
Tweede nota van wijziging Belastingplan 2025
De staatssecretaris van Financiƫn heeft de tweede nota van wijziging op het wetsvoorstel Belastingplan 2025 naar de Tweede Kamer gestuurd. De nota van wijziging bevat maatregelen, die zijn aangekondigd in de aanbiedingsbrief bij het pakket
Inkomstenbelasting
Landbouwvrijstelling bij inbreng van cultuurgrond in maatschap
In deze zaak gaat het om de toepassing van de landbouwvrijstelling op cultuurgrond, die aanvankelijk is verpacht en later is ingebracht in een maatschap. Ten tijde van het verpachten van de grond behoorde de grond tot het
Omzetbelasting
Verlaagd btw-tarief van toepassing op gratis servicebeurt?
Een fabrikant van e-bikes biedt bij de verkoop van een fiets de eerste servicebeurt gratis aan. De fabrikant stelt dat een deel van de verkoopprijs moet worden aangemerkt als een vooruitbetaling voor deze servicebeurt, waarvoor het verlaagde