Terug

Tarieven en heffingskortingen 2027

16 september 2026
Belastingplan

De tarieven en heffingskortingen in de inkomstenbelasting zien er als volgt uit.

  2027 2026
 Tarief schijf 1  36,23%  35,75%
 Tarief schijf 2  38,16%  37,56%
 Tarief schijf 3  49,5%  49,5%
 Grens schijf 1  € 39.247  € 38.883
 Grens schijf 2  € 78.426  € 78.426
 Algemene heffingskorting, maximaal  € 3.154  € 3.115
 Arbeidskorting, maximaal  € 5.929  € 5.685
 IACK, maximaal  € 2.918  € 3.032
 Jonggehandicaptenkorting  € 935  € 923
 Zelfstandigenaftrek  € 900  € 1.200
 Startersaftrek  € 10  € 2.123
Stakingsaftrek  € 908  € 3.630
 Mkb-winstvrijstelling  12,7%  12,7%

* Voor mensen die geboren zijn voor 1 januari 1946 geldt een hogere bovengrens van schijf 1 van € 41.637.

Vrijheidsbijdrage

De wettelijke inflatiecorrectie vindt jaarlijks plaats door toepassing van de zogenoemde tabelcorrectiefactor. Het kabinet stelt voor dat burgers en (in beperkte mate) bedrijven de vrijheidsbijdrage leveren in de vorm van een beperking van de toepassing van de wettelijke inflatiecorrectie. De tabelcorrectiefactor wordt beperkt toegepast in de inkomsten- en loonbelasting voor 2027 en 2028. Normaal zou de inflatiecorrectie 2,6% bedragen (factor 1,026) in 2027, maar nu wordt slechts 48% toegepast (factor 1,01248). Daardoor stijgen tariefschijven, heffingskortingen en enkele andere bedragen minder sterk.

Bronvermelding

  • datum: 16 september 2026
  • bureau: Ministerie van FinanciĆ«n
  • karakter: wetsvoorstel
eb5230aa49ea31b8400f3c409bdc4a39

Misschien ook intressant

Belastingplan
Wet aanpassing fiscale bedrijfsopvolgingsfaciliteiten 2025
Met de Wet aanpassing fiscale bedrijfsopvolgingsfaciliteiten 2024 zijn de volgende maatregelen ingevoerd in de bedrijfsopvolgingsregeling (BOR) en de doorschuifregelingen aanmerkelijk belang (DSR ab): aan derden verhuurde onroerende zaken
Omzetbelasting
Geen fiscale eenheid omzetbelasting wegens gebrek aan financiƫle verwevenheid
Een bedrijf, dat facilitaire diensten verleent aan een stichting, meende op basis van een eerdere beschikking van de Belastingdienst dat het onderdeel was van een fiscale eenheid omzetbelasting met die stichting. De inspecteur betwistte dit en legde
Overdrachtsbelasting
Het belang van de intentie van de koper van een woning
Een echtpaar kocht een woning en kort daarna een tweede woning. De vraag was of de verkrijging van beide woningen belast kon worden met het verlaagde tarief voor de overdrachtsbelasting van 2%, ondanks dat de kopers al een koopovereenkomst hadden