Terug

Te late aangifte erfbelasting leidt tot belastingrente

9 januari 2025
Successiewet

De rechtbank Zeeland-West-Brabant is van oordeel dat de inspecteur terecht belastingrente in rekening heeft gebracht bij een aanslag erfbelasting. Door meerdere sterfgevallen in de familie en een vergissing van de notaris is de aangifte erfbelasting enkele dagen te laat ingediend. De rechtbank oordeelt dat de wet geen ruimte biedt voor verschoonbaarheid van termijnoverschrijding bij het indienen van een aangifte erfbelasting. De wetgever heeft duidelijk bepaald dat de aangifte binnen acht maanden na het overlijden moet zijn ontvangen door de Belastingdienst om berekening van belastingrente te voorkomen.

De belanghebbende voerde nog aan dat de periode, waarover belastingrente is berekend, onredelijk lang was. De rechtbank wees dit argument af. De wetgever heeft expliciet bepaald dat de renteperiode aansluit bij de termijn van het invorderbaar worden van de aanslag.

Bronvermelding

  • datum: 9 januari 2025
  • bureau: Rechtbank Zeeland-West-Brabant
  • nummer: ECLI:NL:RBZWB:2024:8401

Misschien ook intressant

Vennootschapsbelasting
Geen aftrek voor fiscale eenheid omdat onderneming deelneming al was beëindigd bij voeging
Een bv houdt een deelneming in een op Isle of Man gevestigde Ltd die een jacht verhuurt. De Ltd wordt geliquideerd en de moedermaatschappij van de fiscale eenheid wil ruim € 6 miljoen liquidatieverlies in aftrek brengen. De inspecteur weigert de
Ondernemingswinst
Woonkamer zonder eigen toilet is geen zelfstandige werkruimte
Een zelfstandig sportinstructeur maakt tijdens de coronalockdown instructievideo's vanuit haar woonkamer. Zij brengt een deel van de huur van haar appartement ten laste van haar winst. De inspecteur weigert de aftrek, omdat de woonkamer geen
Inkomstenbelasting
Stilzitten bij lening aan dga is nog geen prijsgeven
Een bv heeft een forse vordering op haar dga. De bv onderneemt geen actie om de vordering te innen, terwijl duidelijk is dat de dga deze niet kan aflossen. De inspecteur stelt dat dit stilzitten neerkomt op het prijsgeven van de vorderingen en dus