Terug

Termijn voor indienen suppletie omzetbelasting

30 januari 2025
Omzetbelasting

De Algemene wet inzake rijksbelastingen bepaalt dat belastingplichtigen verplicht zijn om de inspecteur mededeling te doen van onjuistheden of onvolledigheden in voor de belastingheffing van belang zijnde gegevens en inlichtingen.

Voor de omzetbelasting is dit voorschrift uitgewerkt in het Uitvoeringsbesluit. Zodra een belastingplichtige constateert dat over een tijdvak in de afgelopen vijf kalenderjaren te veel of te weinig belasting is betaald, is hij gehouden alsnog bij wijze van suppletie de juiste en volledige inlichtingen, gegevens of aanwijzingen te verstrekken. De suppletie moet gedaan worden voordat de belastingplichtige weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat de inspecteur van de onjuistheid of onvolledigheid op de hoogte is. Het niet nakomen van de suppletieverplichting is een overtreding, waarvoor in geval van opzet of grove schuld een vergrijpboete kan worden opgelegd.

Tot en met 2024 gold dat dit zo spoedig mogelijk moest gebeuren. Per 1 januari 2025 is aan deze bepaling toegevoegd dat de suppletie binnen acht weken nadat de belastingplichtige de onjuistheid of onvolledigheid heeft geconstateerd moet worden ingediend. Reden voor toevoeging van de achtwekentermijn is de uitspraak van de rechtbank die het onmogelijk zou maken om een vergrijpboete op te leggen, uitsluitend vanwege het niet “zo spoedig mogelijk” suppleren. Volgens de rechtbank is de suppletie tijdig ingediend als dit is gebeurd voor het moment waarop de belastingplichtige weet, of redelijkerwijs moet vermoeden, dat de inspecteur met de desbetreffende onjuistheid of onvolledigheid bekend is of zal worden. Deze aan de inkeerregeling ontleende termijn blijft bestaan. De ondernemer moet suppleren voordat de eerste van de twee termijnen is verstreken. De termijn van acht weken vangt niet eerder aan dan op 1 januari 2025. Ondernemers die voor die datum hebben geconstateerd dat zij moeten suppleren, maar dat nog niet hebben gedaan, hebben nog tot 26 februari 2025 om de suppletie alsnog te doen. 

Bronvermelding

  • datum: 30 januari 2025
  • bureau: Ministerie van FinanciĆ«n
  • karakter: besluit
  • nummer: Staatsblad 2024, 441

Misschien ook intressant

Ondernemingswinst
Rente van 9% op lening van ouders is niet zakelijk
Een man werkt als belastingadviseur en participeert daarnaast in de agrarische maatschap van zijn ouders. In 2015 koopt hij de ouderlijke woning voor € 315.000. Hij leent het volledige bedrag van zijn ouders. De afspraken: 9% rente per jaar, een
Vennootschapsbelasting
Kwijtscheldingswinstvrijstelling vervalt door herinvesteringsreserve
Een bv verkoopt in 2018 een schip met winst en vormt een herinvesteringsreserve. In 2019 scheldt de bank een deel van de schulden kwijt. De bv claimt de kwijtscheldingswinstvrijstelling, maar de rechtbank steekt daar een stokje voor. De
Ondernemingswinst
Afwaardering pand naar verkoopprijs: niet te vroeg en niet te laat
Verliezen mogen pas worden genomen wanneer de feiten zich voordoen. Voorzichtigheid is mooi, maar de Belastingdienst rekent af op basis van wat je op de balansdatum weet. Niet op basis van wat je later blijkt te weten. Wellnesscentrum gaat