Terug

Verzekeringsplicht bestuurders door ongelijk aandelenbezit

1 oktober 2026
Sociale verzekeringen

Een aantal radiologen zette in 2014 hun maatschap om in een vennootschap, waarin elke radioloog aandeelhouder, bestuurder en werknemer is. Het aandelenbezit volgt de omvang van het dienstverband, dat varieert van 0,55 tot 1 fte. Vooraf bevestigt de inspecteur schriftelijk dat de radiologen als directeur-grootaandeelhouder (dga) niet verzekerd zijn voor de werknemersverzekeringen, gezien het gelijke stemrecht en hun positie als statutair bestuurder. De brief bevat een voorbehoud: de toezegging vervalt bij relevante wijzigingen in regelgeving.

Stemrecht of kapitaal

Tot en met 2015 is een gelijk of nagenoeg gelijk aantal stemmen genoeg om onder de verzekeringsplicht voor de werknemersverzekeringen uit te komen. Vanaf 2016 telt echter niet meer het stemrecht, maar het aandeel in het kapitaal. De Regeling aanwijzing directeur-grootaandeelhouder 2016 bepaalt dat de bestuurders samen alle aandelen moeten bezitten en een gelijk of nagenoeg gelijk deel van het kapitaal moeten vertegenwoordigen. Dat aandeel loopt bij de radiologen uiteen van 1,43 tot 2,60%. De inspecteur beslist dat de radiologen vanaf 1 januari 2016 verzekerd zijn en dat de vennootschap vanaf dan premies verschuldigd is. 

Economisch belang beslist

De vennootschap wil een materiële toets. De radiologen werken volgens haar nevengeschikt samen, net als maten, en het verschil in aandelen komt alleen voort uit hun aanstelling. Het hof geeft de inspecteur gelijk. De radiologen met het grootste belang hebben ruim 1,8 keer zoveel aandelen als die met het kleinste belang. Van een nagenoeg gelijk deel van het kapitaal is dan geen sprake. Dat de verdeling de arbeidsinzet van de radiologen volgt, doet er niet toe. Ook de nevengeschikte samenwerking maakt geen verschil. De regeling sluit, ook volgens de toelichting, uitdrukkelijk aan bij het economische belang dat uit het aandelenbezit blijkt.

Bronvermelding

  • datum: 1 oktober 2026
  • bureau: Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
  • karakter: jurisprudentie
  • nummer: ECLI:NL:GHARL:2026:5303
8bbd2c4962143c57ca8dc91949ce1284

Misschien ook intressant

Ondernemingswinst
B&B-eigenaren winnen zaak over kleinschaligheidsinvesteringsaftrek
Een echtpaar, dat gezamenlijk een bed & breakfast (B&B) exploiteert in een vof, heeft in hun aangifte inkomstenbelasting aanspraak gemaakt op de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA) voor investeringen in de gastenkamers. De inspecteur
Omzetbelasting
Terugvragen in andere lidstaat betaalde omzetbelasting
Ondernemers, die in 2023 in een ander EU-land omzetbelasting hebben betaald, kunnen deze terugvragen wanneer zij in dat land geen aangifte doen. Een verzoek om teruggaaf over 2023 moet vóór 1 oktober 2024 zijn ingediend. Dat kan via de
Toeslagen
Internetconsultatie eenmalig niet-indexeren maximum uurprijs kinderopvangtoeslag in 2026
In het Hoofdlijnenakkoord is afgesproken om de maximum uurprijzen voor de kinderopvangtoeslag eenmalig niet te indexeren in 2026. De maximum uurprijs is het hoogste tarief waarover ouders kinderopvangtoeslag krijgen. Omdat de Wet kinderopvang niet de